De straatnaamgevers in onze wijk hebben nu allemaal hun dubbelportret gehad. Dat betekent echter niet dat ik klaar ben met de categorie doorgeleerd. Er zijn nog wel wat van die mensen die, laat ik het zo zeggen, wanneer de wijk uitgebreid zou worden ook nog wel hun straatnaambord verdiend hebben.
Neem bijvoorbeeld de in 1583 in Delft geboren Hugo de Groot. Hoogbegaafd zou hij nu gelabeld worden. Op achtjarige leeftijd vertaalde hij al Latijnse en Griekse teksten. Drie jaar later zat hij in Leiden op de universiteit en rond zijn twintigste had hij al diplomatieke reizen naar Parijs en Londen gemaakt.
Hij kwam in 1619 met stadhouder Maurits in conflict toen hij in de richtingenstrijd tussen rekkelijken en preciezen de kant van de rekkelijken koos. Het kostte zijn leermeester, Johan van Oldenbarnevelt de kop, de Groot kreeg levenslang op Slot Loevestein. Het verhaal over zijn ontsnapping in een boekenkist is nog steeds een topper in onze vaderlandse geschiedenis.
Na zijn ontsnapping kwam hij in Frankrijk terecht waar hij op kosten van de koning zijn wetenschappelijke werk voortzette.
Hij schreef in 1625 over het recht van oorlog en vrede wat later de basis zou worden voor het internationale volkenrecht. Ook het wereldwijd aanvaarde maritiemrecht is gebouwd op zijn studies.
Vanaf 1634 was hij gezant van Zweden in Parijs. Toen Zweden in 1644 in conflict kwam met de Fransen werd hij teruggeroepen naar Stockholm. Koningin Christina wilde hem als persoonlijk adviseur maar het Zweedse klimaat stond hem niet aan dus hij vertrok. Hij leed schipbreuk in de Oostzee en kwam weliswaar nog aan in Rostock maar overleed daar in 1645.
Fijn dat je mijn blog leest, geef gerust een reactie