Arnhemseweg 348

Mijn vader was er een van de oude stempel. En dat was zeker aan zijn geloofsbeleving af te zien. Zo nam hij, wanneer hij een Rooms-katholieke kerk voorbij fietste altijd zijn hoed af, een gebruik dat in Het Heilige Roomsche Leven van de dertiger jaren een plaats verdiende. Hij was ervan overtuigd dat hij, als vader van een groot gezin, tenminste een van zijn kinderen af moest leveren als geestelijke. Zijn ouders hadden het goede voorbeeld gegeven, een van zijn broers werd priester, een van zijn zussen non. Een overtuiging die hem relatief veel geld gekost zal hebben, maar dat had hij er graag voor over. Begrijp me niet verkeerd, het tijdsbeeld was anders, we spreken over 1960. Ik verwijt hem niets, constateer slechts.

Ik was de ‘gelukkige’, althans, zo voel ik het nu. En dus vertrok ik als twaalfjarige naar het Klein Seminarie in Apeldoorn met een koffer vol nieuwe, van een wasmerk voorziene kleren en frisse lakens en slopen. De eerste keer werd ik weggebracht, daarna kon ik zelf mijn weg wel vinden. Onze lichting bestond uit ongeveer tachtig jongens, drie eerste klassen vol. Tachtig jongens die in een vreemde omgeving terecht kwamen. Een groot gebouw met enorme slaapzalen waarop iedereen een chambrette kreeg, een klein kamertje, net genoeg voor een bed, een klerenkast en een wasmand. Geen deur, een gordijntje, de surveillant moest zicht op je kunnen houden. Tachtig jongens die moesten wennen aan een redelijk streng regime. Vroeg op, naar de kerk, ontbijt, het eerste studie-uur en dan het lesrooster van de dag. Het was een erkend gymnasium, zware kost dus. Even vrij en dan avondmaal en studeren. Dat studeren, zeg maar huiswerk maken, gebeurde ook in grote zalen met lange rijen lessenaars, ieder zijn eigen plek. Tachtig jongens die vanaf dan werden gecontroleerd op het op de rug slapen met de armen gekruist voor de borst, je zou eens een zelfbevrediging mogen denken! Discipline, gehoorzaamheid, daar ging het om. En pure indoctrinatie.

Ik heb het er vier jaar volgehouden, eerlijk gezegd omdat ik het lef niet had om tegen mijn vader te zeggen dat het niet mijn ‘cup of tea’ was. Of beter, omdat ik hem die teleurstelling niet aan wilde doen. Mijn schoolprestaties waren op zijn zachts gezegd matig en ik kreeg nog wel eens, terecht, op mijn donder.

Nee hoor, lang niet alles was kommer en kwel. Daar ben ik het type niet voor, nooit geweest. Natuurlijk probeerde ik er het beste van te maken. Had ook veel vrienden met wie we samen de mazen van de wet zochten. Beter nog, de mazen in het hek, de weg naar het Apeldoornse Sprengenbos. Of met wie we stiekem onze Silky rookten (wat een gore goedkope sigaret was dat!) op het Fumélaantje, een pad achter het verste sportveld, afgeschermd door een dikke haag. Men zal het best geweten hebben, het was er druk genoeg voor. En de kaartcompetities, bridge en doppelkopfen. Dat laatste spel was ontzettend ingewikkeld, ik zou het niet meer kunnen reproduceren mar er waren veel kaarten met een eigen betekenis en gewicht.

Pas in de derde klas werd het regime wat soepeler. We mochten een fiets hebben en op een vrije middag Apeldoorn in. Dat betekende dus ook dat we niet meer naar de instellingskapper hoefden maar een echte uit konden zoeken. Niet dat dat echt vooruitgang was. Ik herinner me, het is dan 1964 en de Beatles komen in beeld, aan de kapper een beatlekapsel vroeg. Hij pakte zijn kam, kamde alle haren naar voren en bracht de gebruikelijke prijs in rekening.

Leuke herinneringen aan de sportieve activiteiten ook, en aan wat we met elkaar ondernamen. Maar verder niet de leukste tijd van mijn leven. Wel een heel leerzame, en dan denk ik meer aan levens- dan aan schoollessen. De volgende episode ben ik weer terug op Hoograven, tot Hare Majesteit mij verzoekt terug te gaan naar de Veluwe.

2 gedachten over “Arnhemseweg 348

Voeg uw reactie toe

  1. Het tijdsbeeld hé… langs de kant van mijn man zit er ook een non in de familie. Lief mens hoor maar ik zie er de dag van vandaag niet zoveel meer in haar voetsporen te treden. Ergens jammer want zij (nonnen en paters) waren de eersten in de streek die een rusthuis oprichtten, zorgden voor de dagdagelijkse opvang van bijzondere kinderen én… vlakbij een bierbrouwerij bouwden :-)) die de dag van vandaag nog altijd actief is.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Ondersteund door WordPress | Thema: Baskerville 2 door Anders Noren.

Omhoog ↑